01 mei 2008

citaat van de maand


Er is genoeg voor ieders behoefte,

maar niet voor ieders hebzucht.
- Mahatma Ghandi.


18 april 2008

Vlucht uit het land van de vrijheid

De negentienjarige Anna Meijerink (pseudoniem) werd door haar vader naar Amerika gestuurd, zogenaamd voor een vakantie, maar met de bedoeling dat ze met de zoon van een sekteleider zou trouwen. De zoon, in het boek Chuck genoemd, blijkt in eerste instantie aantrekkelijk, en Anna wordt verliefd en trouwt met hem. Zo belandt ze in het kleine wereldje van de Church of Israel. De Church of Israel maakt deel uit van de rechts-extremistische ‘Christian Identity’ beweging. Deze beweging is erg racistisch.

Bijna alle leven speelt zich af op het terrein van de ‘Church’. Er is een kerk, een school en een kleine gemeenschap van kerkleden. Met mensen uit de ‘wereld’ hebben ze geen omgang.

Vrouwen hebben tot taak kinderen te baren. Anna krijgt in tien jaar tijd zeven kinderen, die haar alle zeer dierbaar zijn. Maar al vroeg in haar huwelijk is Chuck veranderd en ze groeien steeds verder uit elkaar. Dan ontdekt ze dat hij de kinderen misbruikt. Vanaf dat moment zoekt ze naar manieren om weg te komen. Maar haar schoonfamilie doet er alles aan om te voorkomen dat ze weg gaat. De weinige vrijheid die ze al had is dan helemaal verdwenen. De bankrekening is geblokkeerd, Chuck komt op de vreemdste momenten thuis en er is altijd iemand van de familie in de buurt die haar in de gaten houdt. Chuck mishandelt haar lichamelijk en geestelijk.

Uiteindelijk lukt het haar om met de kinderen te vluchten. Dan begint de strijd om de voogdij. Wanneer de rechtbank beslist dat de vader de kinderen mag zien, vlucht zij uiteindelijk het land uit.

Jaren later wordt zij nog steeds lastig gevallen door haar ex-man.

Vlucht uit het land van de vrijheid is een boek dat leest als een spannende thriller. Het is een verhaal over mishandeling, kindermisbruik en manipulatie, van indoctrinatie en Bijbelmisbruik. Anna Meijerink hoopt dat ze door het schrijven van haar verhaal niet langer door de sekteleden zal worden lastiggevallen. Maar met haar boek probeert ze ook te waarschuwen voor het gevaar van dergelijke racistische sekten. Zij schrijft: “Hoewel ze naar buiten toe niets dan liefde prediken, is hun ideologie gebaseerd op haat, angst, fascistische gedachten en uitlatingen, en een volkomen willekeurig gebruik van Bijbelteksten. Wat hen bindt, is de vaste overtuiging dat de wereld aan God de oorlog heeft verklaard en dat alleen zij, de ware Israëlieten, zijn uitverkoren om te strijden in Zijn naam. Gelijke rechten voor zwarten, homo’s, vrouwen, het toestaan van abortus en euthanasie, in de ogen van Identity-aanhangers zijn het allemaal tekenen van verval, die met de bijbel in de ene, en een geweer in de andere hand bestreden moeten worden.”

Voor iedereen die zelf in een sekte heeft gezeten zijn er herkenbaarheden. Voor een ieder die niet in een sekte heeft gezeten, mag dit een waarschuwing zijn.

01 april 2008

citaat van de maand

'De enige ware wijsheid woont ver van de mensheid vandaan, komt voort uit de grote eenzaamheid, en is alleen langs de weg van het lijden te bereiken. Ontbering en lijden alleen kunnen de geest van een mens openen voor al wat aan anderen verborgen blijft.'
- Igjugarjuk (Eskimo-sjamaan)



12 maart 2008

11 maart 2008

citaat van de maand

"Wat is er mis met weten wat je nu weet
en nog niet weten wat je voorlopig nog niet weet?"
- Winnie de Pooh

04 februari 2008

citaat van de maand

Een oude hindoefabel.

Een Indiase maharadja hoorde dat er in zijn koninkrijk een beroemde sadhu (godsdienstig zelfverloochenaar) onder een boom was gaan zitten. De maharadja had zoveel over de spirituele uitmuntendheid in illusionaire en wereldse dingen van deze mysticus gehoord, dat hij in zijn rijtuig naar hem toe reed. Hij vond de sadhu onder een boom, zo naakt als een ‘jaïn-vogel’, terwijl hij stil zat te mediteren. Uit beleefdheid nodigde de maharadja de sadhu uit om naar zijn paleis te komen en zich als zijn gast te laten verwennen. Zoals het voor de maharadja in die tijd sociaal gebruikelijk was dit aan te bieden, was het voor de zelfverloochenaar gebruikelijk dit te weigeren om zo te laten zien dat hij boven de wereld stond.

De sadhu deed zijn ogen open, stond op en zei: ‘Goed, laten we gaan’.

De naakte man klom in het rijtuig en spoorde de verblufte maharadja grijnzend aan de koetsier de paarden naar het paleis te laten galopperen. De daaropvolgende weken leerde de sadhu de maharadja dingen over zelfverloochening, meditatie en spirituele bevrijding, terwijl hij heerlijk eten at, prachtige mantels aantrok en genoot van het gezelschap van de maharadja’s mooiste courtisanes.

De maharadja pruilde, totdat hij er niet langer tegen kon. Op een dag zag hij dat de sadhu zich gedroeg alsof hij heer Krishna zelf was; Hij lag op een bank, genoot van de tuin en de pauwen die daar rondliepen, terwijl aan zijn voeten jonge vrouwen lagen die hem serenades brachten met liederen en sitars. “Bedrieger! Hoe kunt u zich een zelfverloochenaar noemen? Een godsdienstig mens moet de wereld de rug toekeren”, sputterde de maharadja tegen. De goed geklede sadhu was niet verbaasd. “Dit verwachtte ik al”, zei hij. “Ik ben eerlijk gezegd verbaasd dat het zo lang duurde tot u uw ongenoegen liet blijken. Zo buitengewoon zijn uw ideeën over wat godsdienstig zijn inhoudt”.

De sadhu sprong van zijn bank en liep de tuin uit.”Breng uw rijtuig hier, het is tijd voor mij om te gaan”. De sadhu liet de maharadja naar de grens van zijn koninkrijk rijden. Toen zij de grens bereikten, stapte hij af en gaf alle juwelen en mooie kleren terug, totdat hij weer de naakte zelfverloochenaar was. Hij zei gedag en liep weg.

Nu hij hem weer naakt zag, net als op de dag waarop hij hem ontmoet had, kon de maharadja het aura van de sadhu weer voelen en schaamde hij zich. Hij viel neer en vroeg om vergeving. “Kom alstublieft mee terug naar mijn paleis. Nu zie ik dat u inderdaad een heilige bent.” De sadhu stopte en draaide zich om. “Ik ga niet mee terug”, zei hij vastberaden, maar met vriendelijke ogen. “Als ik meega, trek ik weer uw mantels aan, geniet van uw eten en van het leven met uw mooie vrouwen, dan zult u weer voelen dat ik een bedrieger ben. Dan zult u weer eisen dat ik vertrek.

Mijn arme, geliefde vriend, u kunt de natuurlijke mens voor u niet zien. U ziet alleen de ideeën over hoe een heilige moet zijn. Je hoeft geen afstand te doen van dingen. Men hoeft alleen de hechting aan dingen vaarwel te zeggen. Ik ben vrij om overal – of nergens van – te genieten, omdat de bron van mijn vreugde vrij is van oorzaak of gevolg. Daarom kan ik uw paleis verlaten en weer naakt in de wildernis leven. Het geeft niets en het heeft geen effect op mijn bevrijding.”

05 januari 2008

citaat van de maand


Jezus zei tot hen:

Als jullie de twee één maakt

en als jullie het innerlijk maakt als het uiterlijk,

en het uiterlijk als het innerlijk

en het boven als het beneden,

en als jullie het mannelijke en vrouwelijke tot één maakt,

zodat het mannelijke niet mannelijk zal zijn

en het vrouwelijke (niet) vrouwelijk,

als jullie ogen maakt in plaats van een oog

en een hand in plaats van een hand

en een voet in plaats van een voet

(en) een beeld in plaats van een beeld;

dan zullen jullie binnengaan in [het koninkrijk].


Evangelie van Thomas, logion 22.